Ik ben een aantal keren in Turkije geweest. De eerste keer drie weken, als onderdeel van een reis van Londen naar Kathmandu met Encounter Overland, in 1981. Het jaar erop 6 weken (min anderhalve week voor de heen- en terugreis door Duitsland, Oostenrijk, Yugoslavië en Griekenland.) Het jaar daarop nog eens 6 weken. Later nog korte stedentrips gemaakt naar Istanbul, Alanya en Antalya. In 2004 een weekje Kusadasi.
Route: (zuid-Duitsland, Oostenrijk, Yoegoslavië, Griekenland) Canakkale, Troje, Izmir, Efesus, Kusadasi, Pamukkale, Antalya, Manavqat, Alanya, Anamur, Mersin, Adana, Nigde, Nevsehir, Göreme, Kayseri, Adiyaman (Nemrut Dagi), Diyarbakir, Mus, Bitlis, Tatvan, Van, Dogubayazit, Kars, Artvin, Hopa, Rice, Trabzon, Samsun, Amasya, Ankara, Istanbul. (2e tocht van Dogubayazit via Erzurum en Erzincan naar Ankara)
Anekdote
Zoals je aan het aantal bezoeken aan Turkije kan zien, en de lengte ervan, bevalt Turkije uitstekend. Zulke aardige mensen, en zo'n prachtig immens land is uniek. De gastvrijheid is om verliefd op te worden. Uiteraard is Turkije de afgelopen 25 jaar flink veranderd, en ik herkende in Kusadasi helemaal niets meer in 2004, alleen de karavanserai in het centrum. Het ruige, wilde is ervan af, maar misschien zegt dat meer over mij dan over Turkije. In 1981 waren er in elk geval geen grote touristen-resorts, en het strand gebruiken voor zwemmen was ongebruikelijk. Hier en daar zag je een familie pootjebaden, de dames geheel gekleed en de heren met opgerolde broekspijpen. Op het strand geen parasols, maar hutjes van vissers om hun spullen te repareren. Hier en daar een verdwaald restaurant met vrijwel alleen turkse bezoekers. Een van de weinige touristen-resorts was een eenzame camping bij Fetiyeh, waar iedereen 's avonds uit zijn dak ging. Voor de rest nagenoeg niets. Ideaal. Tegenwoordig moet je tussen de resorts goed zoeken naar de woningen van de turkse mensen, die er trouwens ook een heel stuk meer westers en modern uitzien dan toen. Ik heb toen een shalwar gekocht, zo'n zwarte heel wijde broek met het kruis ver onder de knieen, en ik viel niet op in het straatgewoel. Nu durf ik die niet meer aan te doen in Turkije.
In 1983 gingen we met de aftandse auto van Hans, samen met Frans en Gerard, naar Turkije. Een lange maar mooie tocht door Europa. In Turkije overal wild kamperen. Van de hoofdweg af op een b-weggetje, dan nog een keer afslaan en we waren in de middle of nowhere. Soms een tentje opslaan, vaak alleen de binnentent tegen de muggen, en soms gewoon in de buitenlucht op de stretcher. Af en toe bleek dat we op een erf stonden. Echter nooit problemen gehad. Een keer bleek op een ochtend dat we op nog geen honderd meter van een boerderijtje stonden. De boer had ons wel gezien, maar deed of hij ons niet zag, om onze privacy te respecteren. Zijn kleine kinderen dachten daar anders over. We gaven een broodje met hagelslag aan de dapperste, maar die kende geen hagelslag en gaf het snel aan zijn kleine broertje. We liepen daarna naar de boer, wiens vrouw net bezig was de 'tuinmeubels' buiten te zetten, om een praatje te maken en onze excuses aan te bieden, en een kopje thee bij onze tent. Hij vond het heel leuk dat we er waren, en nodigde ons uit voor een ontbijt met brood, salade, olijven en een dodelijke kaas. We hebben echt genoten van deze onverwachte ontmoeting, en na afloop gaf hij ons nog zelfs mondvoorraad mee: brood, salade, olijfjes, worstjes en die dodelijke kaas. We voelden ons bijna familie. In Zeeland wordt je met een hooivork weggejaagd als de boer je betrapt.
In 1984 kochten we een nog ouder scharminkel dan die auto van Hans, en samen met Frans, Lydia en Esther hetzelfde gedaan. Ook toen overal gastvrijheid gevonden.
Op een dag lagen we bij Fethiye in een open bos te kamperen. Een erg arm uitziende boer kwam langs met zijn zoontje aan de hand, maar liep met een grote bocht om ons heen. Frans en ik liepen door die bossen, en ontmoetten de boer. Hij nodigde ons uit naar zijn hutje, want dit kan ik geen huis noemen. Hij nodigde ons niet naar binnen, misschien omdat zijn vrouw thuis was. Er speelde ook nog een meisje op het erf, nog modderiger dan haar broertje. We nodigden de boer uit voor een kopje thee. Na tien minuten lopen en babbelen stopte hij resoluut. Geen beweging meer in te krijgen. Ik ging kijken wat er was, en het bleek dat de meiden topless lagen te genieten van het ochtendzonnetje. Zij deden snel een shirt aan, en toen wilde de boer wel komen. Even later kwam er een klein meisje en haar broertje, in hun zondagse (vrijdagse?) kleren en keurig gewassen, naar ons toe. De boer stelde ons zijn kinderen voor, die we zonder die modderlaag helemaal niet herkenden. Ze hadden brood, worstjes en een dodelijke kaas bij zich (dat schijnt de lekkernij van de omgeving te zijn, men heeft daar overigens ook een zachte verse kaas, peynir, die wel erg lekker is). We schaamden ons dit aan te nemen, want de boer was erg arm. We hebben een graai in onze voorraad-doos gemaakt, om hem ook wat aan te bieden. Na drie keer weigeren accepteerde hij onze gift toch.
Op borden in Turkije (vooral in Kurdistan) stond in het turks: 'Een tevreden toerist vertelt het duizend anderen'. Ik weet niet of ik duizend bezoekers krijg op mijn site, maar bij deze. De meest koerdische plek is toch wel Diyabakir.
We reden met een Ford Granada, een automaat, al minstens tien jaar oud. Hij zoop bijna evenveel motorolie als benzine, en bij Adiyaman, op weg naar de Nemrut Dagi en het graf van Antiochos, besloten we een garage op te zoeken. Het lekke koelwatersysteem zorgde ervoor dat we de steile berg alleen opkwamen door elke paar honderd meter te stoppen en te wachten tot het water niet meer kookte . Er waren bij de garage drie mecaniciens, die zo gezegd niet veel te doen hadden. Ze bestudeerden de auto: de pakking was zo lek als een mandje. De pakking van de automaat was ook niks. Er kwamen nog meer mecaniciens bij, met een takel werd het bovenste gedeelte van de motor opgehesen. De resten van de pakking werden weggekrabt, en uit een dunne plaat kurk werd een nieuwe afdichting gesneden. Ondertussen waren anderen bezig om de automaat te repareren en het koelwatersysteem te dichten. Vier uur en vele kopjes thee later was de auto weer klaar. We bereidden ons voor op de gebruikelijke hartaanval bij de rekening. Dit bleek 75 gulden, waar je in Nederland nog niet eens je achteruitkijkspiegeltje voor vervangen krijgt.
Stukken verderop, bij Van (in de buurt van Iran), attendeerde de eigenaar van een garage, bij het tanken, ons erop dat de motor niet goed 'klonk'. Hij keek ongevraagd onder de kap, en zette daar een nieuwe verdelerkap op. Gratis. Niet te geloven, het was zelfs niet eens zijn benzinepomp waar we tankten. Puur belangeloos, geweldige mensen. Van heeft trouwens een prachtig hittitisch kasteel.
Wat natuur betreft heeft Turkije heel veel: prachtige standen met pijnboombossen die zo lekker ruiken boven op de rotsen bij de Turkse Riviera, semi-woestijn bv. bij Nigde, schitterende bergen, waarvan de hoogste de sneeuwbetopte Ararat (Nemrut Dagi, waar Noah met zijn ark gestrand is), eindeloze vlaktes en heuvels in Kurdistan, lieflijke watervallen, dichte bossen in het noorden, karsgebergte bij Goreme en Nevsehir, er is veel te zien.
Cultureel gezien heeft Turkije een rijke oorsprong. Helleense en Hittitische oorsprong, Romeinse invloed, islamitische cultuur met o.a. de Seldjoeken, en als hoogtepunt het Ottomaanse Rijk dat zich uitstrekte tot de poorten van Wenen. De moderne seculiere maatschappij van Kemal Ataturk is volgens mij een goed geslaagde combinatie van modern pragmatisme en een gematigde vorm van Soennisme. Naar mijn idee heeft de democratie in Turkije nog een paar scherpe kantjes over, maar die worden ruimschoots goedgemaakt door een lange traditie van bijzonder gastvrije en trotse turken. Een absolute aanrader, en vergeet daarbij ook vooral de binnenlanden niet.
Koerden zijn anders dan Turken, Koerden hebben meer gevoel voor 'practical jokes'. Bv: een levende kraai loslaten in onze tent terwijl we daarin slapen (bitlis 1983), een vriendin van ons in de borst knijpen op weg naar de w.c. (Kars, 1984), cassettes en een mondharmonica weggrissen van onze dashboard (Bitlis 1984), tentharingen verwijderen terwijl we in de tent slapen (Bitlis 1984), sigaretten vragen voor een aangeboden maaltijd (Van, 19983), misbruik maken van een lift (Tuzkoy, 1983, een koerd verwacht dat we een half, pas geslachte kalf, bl3edend en al, meenemen in onze auto), steniging met abrikozenpitten (Van, 1983), etc. etc. Je blijft lachen met die koerden.
We zagen overal borden met '1 tevreden tourist praat met duizend anderen'. Ik hoop dat dit waar is, ook voor ontevreden touristen. In west-Turkije geen enkel probleem.
1983 is lang geleden, maar als je foto's van toen vergelijkt met nu, dan denk je toch ook dat ik geen spatader veranderd ben ;-)
I ve been in Turkey on various occasions. The first time in 1982, for three weeks, as part of a travel from London to Kathmandu, with Encounter Overland. The next year for six weeks (minus 2 times 5 days for travelling from/to home, via Germany, Austria, Yugoslavia and Greece), by car. The following year again for 6 weeks. Later I made some short city trips to Istanbul, Alanya and Antalya. In 2004 a week Kusadasi.
Route: (South Germany, Austria, Yugoslavia, Greece) Canakkale, Troje, Izmir, Efesus, Kusadasi, Pamukkale, Antalya, Manavqat, Alanya, Anamur, Mersin, Adana, Nigde, Nevsehir, G reme, Kayseri, Adiyaman (Nemrut Dagi), Diyarbakir, Mus, Bitlis, Tatvan, Van, Dogubayazit, Kars, Artvin, Hopa, Rice, Trabzon, Samsun, Amasya, Ankara, Istanbul. (2nd travel from van Dogubayazit via Erzurum and Erzincan to Ankara)
Anecdote
When you consider the amounts of visits, and their lengths, you ll understand that I really dig Turkey. The people are very nice and helpful, and the country is beautiful in terms of nature, culture and diversity. The hospitality is enlightening. Naturally, Turkey changed a lot in the last 25 years, and in 2004 I didn t recognize a thing in Kusadasi, apart from the caravanserai in the centre. The wildness, the adventure is a bit lost, but that may say more about me than about Turkey.
In 1983 I went together with my friends Frans, Hans and Gerard, to Turkey, after they heard my excited stories. A long but very nice journey through Europe. In Turkey we went for wild camping. Turn right from the highway , take another turn into an adobe track, into the middle of nowhere.
Sometimes we used the tent, many times only the inner tent against mosquitoes, and near the coast plainly without the tent. The beaches were not used at all, no tourists, you just place your stretcher on the beach, have some raki or beer, and sweet dreams. In case you wake up with a terrible backache, then that s probably because the legs of the stretcher sank into the sand.
Sometimes it turned out that we camped on a farmyard. In the morning we noticed a farm, which we didn t see at night because the farmers go to bed really early, and with no lights they re easy to miss.
So happended this morning. The farmer discretely looked the other way, preparing his breakfast. His small kids had other ideas about privacy, and timidly investigated these foreigners. We offered the bravest one a sandwich with hagelslag (a typical dutch chocolate confetti). He never saw that before and gave the sandwich to his much smaller brother, as a kind of derisking. Then we went to the farmer, whose wife was just busy to put the garden furniture outside. We started a small conversation, larded in excuses, in german, english and dutch, No clue whatsoever, but he really appreciated we were there, he was quite honoured and invited us for a decent breakfast in the garden, with bread, salad, olives and some kind of lethal cheese. We really appreciated his hospitality. When we finally left, he even gave us provisions for many days, bread, milk, salad, olives, sausages and this lethal cheese. We almost felt like relatives. Farmers in the Netherlands tend to scare off intruders, with pitchforks.
In 1984 we bought an even older car than Hans had, and did almost the same trip with Frans, Lydia and Esther. Also then we encountered a lot of hospitality.
One day we were wild camping in the forests near a beautiful village called Fethiye. Ah, the nice smell of these forests. Pine with a bit of oregano and a touch of basil. We saw a very poorly dressed farmer coming our way, hand in hand with his little boy. In order not to disturb us, he abandoned the path and continued through the forest. Frans and me walked up to him, to say hallo. He invited us to his shack, as I can t call this a house. He didn t invited us in, I guess because his wife was inside and that s not considered decent. His small daughter played in the farmyard, covered completely in mud. We invited him for breakfast at our campsite before he could, as I m sure he would. I guess he was relieved, and accepted our invitation. Together we walked back to our campsite. Suddenly, some 200 meters before our camp, he refused to continue. I checked out why, and it turned out that our girl friends were enjoying the morning sun, topless. Great eyesight, this farmer. The girls dressed up, and now the farmer came to our camp. We gave him some tea, sandwiches and crackers, and had a nice conversation in a kind of german. A bit later his son and little daughter showed up as well. We didn t recognize them, as they were without any trace of mud, and neatly dressed, like ready to go to church, or mosque I should say. They carried gifts for us: bread, sausages and this lethal cheese. (In Turkey they also have a very nice creamy kind of fresh cheese, called peynir. Unfortunately not very popular in this district). We were embarrassed to accept his gifts, as he was clearly very poor. We also checked our provisions and offered him gifts as well. He refused, but after a decent third refusal, he finally accepted. That made us feel really good.
On many bill board in Turkey (particularly in Kurdistan) it says A happy tourist informs a thousand others . So I do, or at least try to.
We drove an ancient Ford Granada. Could have belonged to Antiochos. It used about as much oil as gasoline, and we decided to do something about that near Adiyaman, on the way to the Nemrut Dagi mountains with the grave of Antiochos, 261 b.c.
There were three mechanics in the garage, not particularly occupied or so. They all studied the car, the packing was leaking dramatically. A few more mechanics arrived, and they lifted part of the engine with a big hoist. The remains of the packing were polished away, and they cut a new packing from a cork foil, using plain scissors. Some others were repairing other dangerous anomalies in the car. The car was brand new, some fours hours and a lot of cups of tea later. We prepared ourselves for the usual stroke when receiving the bill. That turned out to be 35 dollars, for which you can t even have your rear mirror adjusted, back in the Netherlands.
A lot further, near Van, we filled the car up, and the owner of the garage next door alerted us on the strange sound from our car. Without asking permission, he took a look, and changed the electric distributor for a new one. Free of charge. Unbelievable, how nice these guys are.
In Kurdistan it sometime happened that we had to pay in cigarettes after having been invited for lunch. But it s understandable, as they were very poor, and western cigarettes were regarded as a luxury.
About the nature. Turkey has a lot to offer. Beautiful beaches with pine forests near the Turkish Riviera, semi-desert for example near Nigde, impressive mountains with mount Ararat the biggest (a snow covered volcano where Noah seems to have stranded). Endless plains and hills in Kurdistan, romantic waterfalls, dense forests in the north, eroded hills near G reme and Nevsehir, there s so much to enjoy.
Culturally it has a rich history. Hellenic and Hitittic origin, roman influence, Islamic culture with Seljuks and as summit the Ottoman Empire, spreading till the gates of Vienna. I consider the modern secular society by Kemal Ataturk as a well balanced mix of modern pragmatism and a liberal variety of Sunnism. I think that Turkish democracy still has room for a few improvements, but I hope that recent Islamic extremism doesn t destroy this democracy, nor its potential for tourism.